Op reis…….

Met haar rugzakje gevuld met herinneringen en hoop stapte ze recht in het land vol reuzen en feeën. Met de kiezelsteentjes van Klein Duimpje en voor alle zekerheid wat kruimeltjes brood; met de zeven kroontjes van de dochtertjes van de reus. Ook met Sneeuwwitje en de zeven dwergen en gauw had ze nog een heerlijke sappige appel ingepakt. Terwijl ze dit deed, dacht ze aan Sneeuwwitje die het misschien wel leuk zou vinden als ze ook een vriendin zou meenemen. En zo kwam het dat Assepoester ook in het rugzakje terechtkwam met gelukkig deze keer twee glazen muiltjes. Ze keek om zich heen en jahoor, daar vond ze Riket met al zijn wijsheid en lelijk uiterlijk en zijn schone domme prinses. Buiten vond ze de witte duif; die was belangrijk want ze voelde, nee ze wist dat die zorgde voor hulp als dat nodig zou blijken te zijn. 

Zo kwam ze aan in een dicht bos; de witte duif vloog voor haar uit om uit te kijken naar de grote boze wolf. Maar de grote boze wolf liet zich niet zien; bang als hij was voor de goedhartige witte kat. En al helemaal benauwd werd de wolf van het idee nog eens de gelaarsde kat tegen te kunnen komen. De witte duif wist dit eigenlijk wel, maar toch…., je kon nooit weten op zo’n lange reis.  

Ze liep en liep door het bos vol levende geluiden en geritsel van de bomen; over wortelstronken; over plasjes water en modder en zo tussen al de varens door die de druppels van de dauw nog droegen.  

Ze was niet bang maar wel nieuwsgierig en toch een beetje gespannen van waar de reis haar naartoe zou leiden. Ze wist dat, terwijl ze zo rondliep, nog velen de reis mee zouden volgen. En terwijl ze dit dacht, realiseerde ze zich plots dat haar rugzakje veel te zwaar zou worden. Misschien zou het wel gaan knappen en dan zou ze alles verliezen. Ze werd er verdrietig van; er zaten zoveel goede herinneringen in het rugzakje.  

Verderop zag ze een grote omgevallen boom en ze besloot daar te gaan rusten om na te denken over wat er wel en niet in haar rugzakje mocht blijven zitten….

 Had ze echt die kiezelsteentjes nodig? En die kruimeltjes brood; die van voor alle zekerheid? Ze wogen zwaar en zaten ook helemaal onderin. Dus als je ze echt nodig had, kon je er niet eens makkelijk bijkomen. Eén voor eén stalde ze voorzichtig al haar herinneringen uit op de stam en ze pakte haar zak op en liet hem onderste boven hangen zodat alle zware kiezelsteentjes en het kruimelbrood op de grond vielen.  

Tevreden zocht ze een plekje tussen de varens, nadat ze al haar herinneringen toegedekt had met haar rugzakje tegen de koude nacht. Al snel viel ze in slaap. In haar droom hoorde ze de witte duif praten tegen een engel. Ze kon de engel niet goed zien, die was net te ver voor haar. Ze wilde zo graag de engel van dichtbij kunnen bekijken, maar steeds stond of de witte duif in de weg of de engel leek te ver weg om scherp te kunnen zien.  

In haar droom merkte ze dat de duif groter werd; zijn borst leek op te zwellen en de vleugels reikten tot ver in de horizon. Ze voelde de kracht van de enorme duif en ze liet zich onder die sterke prachtige vleugels toedekken. Ze wist dat haar niets kon gebeuren. Veilig was ze met al haar herinneringen. Groot was de duif met de kracht van de engel……  “…….Wakker worden; kom op meisje…. We gaan verder op reis…..” Alle herinneringen werkten samen om het meisje wakker te krijgen zodat ze weer verder konden. Ze waren nieuwsgierig geworden naar nieuwe maatjes die ze ongetwijfeld tegen zouden komen, nieuwe vriendjes met wie ze samen zouden kunnen herinneren. Gewoon omdat er op reis zoveel dingen gebeuren die de moeite waard zijn om herinnerd te worden.  

Het meisje wreef de slaap uit haar ogen, ze at de appel en stopte heel voorzichtig haar fijne herinneringen terug in haar rugzakje. De nare kon ze gelukkig achterlaten, die deden al zo lang geen dienst meer en waren eigenlijk alleen maar heel erg zwaar.

Vederlicht ging ze op weg met voor haar uit de witte duif.  

 

DE VICIEUZE CIRKEL

Als ik blijf kijken zoals ik altijd heb gekeken

Blijf denken zoals ik altijd dacht

Als ik blijf denken zoals ik altijd heb gedacht

Blijf ik geloven zoals ik altijd heb geloofd

Als ik blijf geloven zoals ik altijd heb geloofd

Blijf ik doen zoals ik altijd heb gedaan

Als ik blijf doen zoals ik altijd heb gedaan

Blijft mij overkomen wat mij altijd overkwam

Maar als ik mijn ogen sluit en voel mijn ware zelf van binnen

Dan kom ik deze cirkel uit en kan steeds opnieuw beginnen